Toen deze week een A330-300 van KLM voor ons kantoor op Schiphol landde, wisten we al welke motoren eronder hingen. KLM vliegt met de General Electric CF6-80E1. De interessantere vraag is waarom KLM die verkoos boven de Rolls-Royce Trent 700 en de Pratt & Whitney PW4000.
De motorkeuze is een van de grootste beslissingen die een airline neemt bij de bestelling van een widebody. De motoren vormen een groot deel van de waarde van het vliegtuig en een groot deel van de onderhoudskosten op lange termijn. De keuze blijft meestal het hele werkzame leven bij het vliegtuig. Voor de A330-200 en de A330-300 golden dezelfde drie opties, dus de redenering hieronder geldt voor beide modellen.
Voor de technische achtergrond behandelt ons artikel over de drie motoropties van de A330 elke motor uitgebreid. Dit stuk gaat over de redenen achter de keuzes.
Vlootgelijkheid komt meestal eerst
Airlines kiezen zelden een motor op zichzelf. Ze beginnen bij wat al in hun hangars staat.
KLM is een schoolvoorbeeld. Toen de maatschappij in april 2004 de CF6-80E1 koos voor zes A330-200's, vloog ze al met de CF6-80C2 van GE op haar vloten Boeing 747-400, 767-300ER en MD-11. Toen KLM later de grotere A330-300 toevoegde, bleef ze bij dezelfde motor. De aankondiging van GE uit die tijd beschrijft die geschiedenis.
Een airline die bij één motorfamilie blijft, houdt hetzelfde gereedschap, dezelfde reserveonderdelen en technici die de hardware al kennen. Dat verlaagt de kosten. Het verkleint ook het risico dat een vliegtuig aan de grond staat te wachten op een onderdeel.
Onderhoud kan een eigen bedrijfstak worden
De beslissing van KLM reikte verder dan de eigen vloot. Als onderdeel van de deal werd KLM Engineering & Maintenance een centre of excellence voor de revisie van de CF6-80E1 en bood het die diensten ook aan andere operators aan.
Zo wordt een motorkeuze een commerciële kans. Een airline met sterke eigen motorwerkplaatsen kan de motor kiezen die bij haar onderhoudsbedrijf past. Daarna kan ze inkomsten verdienen met het onderhoud van motoren van andere maatschappijen.
Prestaties waar de omstandigheden het zwaarst zijn
Voor sommige airlines is de doorslaggevende factor hoe de motor omgaat met de heetste, zwaarste starts. Straalmotoren leveren minder stuwkracht naarmate de luchttemperatuur stijgt. Een volgeladen widebody die in de zomer van een vliegveld in de Golf vertrekt, stelt elke motor op de proef.
Dat verklaart mede de voorsprong van de Trent 700 in het Midden-Oosten, waar Rolls-Royce volgens eigen opgave meer dan 70 procent van de A330-operaties aandrijft. Airbus verhoogde in de loop der jaren ook het maximale startgewicht van de A330, van ongeveer 212 ton naar 242 ton. Motoren met stuwkracht in reserve konden die zwaardere versies bijhouden.
Bewezen op lange afstanden
Halverwege de jaren negentig moesten veel airlines nog vertrouwen opbouwen in tweemotorige vliegtuigen op lange routes boven water. Een ETOPS-goedkeuring was een belangrijk verkoopargument. Die bepaalt hoe ver een tweemotorig toestel van een uitwijkvliegveld mag vliegen.
Pratt & Whitney speelde daar optimaal op in. De PW4000-100 was de eerste motor die al vóór de ingebruikname voor ETOPS gekwalificeerd was. Rond de millenniumwisseling dreef hij meer dan de helft van de vliegende A330's aan. Voor airlines die transatlantische of transpacifische routes openden, telde die staat van dienst.
Prijs, garanties en supportcontracten
Motorfabrikanten strijden hard om elke order. Airlines onderhandelen over de aankoopprijs, garanties op brandstofverbruik, betrouwbaarheidstoezeggingen en langlopende servicecontracten. Die contracten leggen de onderhoudskosten per vlieguur vast.
Na verloop van tijd sloeg de markt om naar Rolls-Royce. Volgens de fabrikant won de Trent 700 in de drie jaar tot 2018 90 procent van de motororders voor de A330. Zodra één motor de geïnstalleerde basis domineert, zijn reserveonderdelen en opgeleide technici makkelijker te vinden. Ook toekomstige kopers en lessees zijn dan makkelijker aan te trekken, dus de voorsprong groeit meestal.
Waarom de A330neo maar één motor heeft
Toen Airbus in 2014 de A330neo lanceerde, koos het voor één motor, de Rolls-Royce Trent 7000. Drie motoren aanbieden had de ontwikkelkosten verhoogd van een programma met een budget van ongeveer US$ 2 miljard. Het zou ook de certificering hebben verlengd en de productie hebben bemoeilijkt.
Daardoor is de neo eenvoudiger te bouwen en te ondersteunen. De keerzijde is dat airlines de onderhandelingsmacht kwijtraakten die keuzevrijheid met zich meebrengt.
Wat dit betekent als u een A330 chartert
Voor charterklanten staat de motor zelden op de offerte. Toch bepaalt die wat een vliegtuig kan.
Twee A330's van hetzelfde model met verschillende motoren, gewichten en cabine-indelingen kunnen op dezelfde dag vanaf hetzelfde vliegveld heel verschillend presteren. Dat speelt vooral bij vertrek in de hitte, lange sectoren en banen die tegen de prestatiegrens van het vliegtuig aan zitten. Onze gids over de haalbaarheid van vrachtcharterroutes legt uit hoe actieradius, laadvermogen en luchtruim samenhangen.
Als we een widebody zoeken voor een passagiers- of groepscharter, een ACMI-lease of een vrachtvlucht, lopen we samen met de operator deze vragen door:
- —Welke motor- en gewichtsvariant heeft dit specifieke vliegtuig?
- —Kan het de volledige passagiersbelading of het volledige laadvermogen op deze sector meenemen zonder tankstop?
- —Waar bewaart de operator reservemotoren en onderdelen, en hoe snel kan hij een technisch probleem buiten de thuisbasis oplossen?
- —Past de ETOPS-goedkeuring van het vliegtuig bij de geplande route?
Klanten hoeven de antwoorden niet zelf te kennen. Ze hebben wel een broker nodig die de vragen stelt.
Het juiste vliegtuig, tot en met de motoren
Airlines besteden maanden aan de keuze van een motor, omdat die decennialang de prestaties, kosten en ondersteuning van een vliegtuig bepaalt. Wij besteden dezelfde aandacht aan het koppelen van vliegtuigen aan missies, met meer dan 30 jaar ervaring in vliegtuigcharter.
Heeft u binnenkort een widebody nodig? Vraag een offerte aan. Ons team bespreekt de opties graag met u.
